Valentijn en de  bloemengroet

In het jaar 269 klopte een heidense soldaat en christelijke vrouw aan bij bisschop Valentijn (Valentinus) met het verzoek hen te trouwen. Valentijn vond de liefde zwaarder wegen dan de wetten van keizer Claudius II Gothicus en huwde het stel.

Het woord over de Bisschop deed al snel de ronde en steeds meer jonge mensen kwamen met hetzelfde verzoek. Valentijn werd verraden, aangeven en gearresteerd. Toen hij voor de keizer moest verschijnen, probeerde hij deze te voor zijn “radicale” ideeën te winnen en hem te bekeren tot Christen. Claudius voelde zich beledigd en liet Valentijn martelen en veroordeelde hem ter dood.

De toenmalige stadhouder van Rome had een blind dochtertje Julia genaamd. Toen hij de cipiers had omgekocht om Valentijn te mogen bezoeken, verzocht hij de bisschop om Julia te genezen. Valentijn gaf de stadhouder een boodschappenlijstje met kruiden en bloemen en zorgde voor een geneesmiddel, maar dat werkte helaas niet. Op de dag van de executie van bisschop Valentijn (14 februari van het jaar 270) probeerde de stadhouder nog wanhopig het vonnis tegen te houden, maar tevergeefs. Na Valentijns terechtstelling ontving Julia een klein briefje waaruit een gele krokus viel.

Op het briefje stond: 'Van jouw Valentinus' Volgens de oude vertelling begon het meisje weer zien.

Door dit wonder werd bisschop Valentinus in het jaar 496, meer dan 200 jaar na zijn dood, door paus Gelasius tot Sint Valentinus verheven en 14 februari uitgeroepen tot de dag van de heilige Valentijn.